In ‘Papieren veulens’ zoekt Hanneke van Eijken in een heldere, zintuiglijke stijl de grenzen van steden op, ze bouwt huizen en verkent schaduwkamers. Ze aait straathonden en fantasievogels, volgt bewoners achter muren van glas en steen. In sterke zinnen schept ze een wereld waar alles mogelijk is. Zwijgend dragen ballonverkopers een lucht vol roze beren, antilopen schieten langs ramen. Nieuwe gronden worden zorgvuldig gemeten.
De debuutbundel van Tuvit Shlomi – winnares van de El Hizjra Literatuurprijs – ligt nu in de winkel. Shlomi haalde in 2009 het wereldnieuws met haar controversiële inzending onder pseudonym.
Nu de telefoon overal en altijd is hoeft het geen verbazing te wekken dat hij ook in de poëzie doordringt. In ‘Je kunt bellen’ zijn telefoon en smartphone geregeld aanwezig, ook als je ze niet hoort of ziet.
F. Starik is een van die zeldzame dichters die met hun werk een brug naar een groter publiek weten te slaan. Door is onder meer Engels voor deur. Want met zijn elegante, zingende regels opent Starik vele deuren en laat ons mee naar binnen kijken, of niet. Zijn nieuwe bundel ‘Door’ verschijnt morgen.
‘De tijd vliegt, maar de dagen gaan te traag’ is de eerste dichtbundel van Jean Pierre Rawie sinds 1999. De belangstelling voor het werk van de flamboyante dichter uit Groningen is sindsdien alleen nog maar gegroeid. Van Rawie werden tot dusverre meer dan 150.000 dichtbundels verkocht, een unicum in ons taalgebied.
Hans Kusters Music en Ramsey Nasr presenteren met trots de 7-CD-box ‘Hier komt de poëzie!’, die een persoonlijke keuze bevat uit acht eeuwen Nederlandstalige poëzie, gaande van de middeleeuwen tot aan de Vijftigers. Oftewel: van Hendrik van Veldeke tot Remco Campert in 350 gedichten.
Wij neukten voor een dinar
Die wij met jullie gokten een knaap
En dronken gedurende de dag
Met de rest van hem vele wijnen
Zo handel ik immer met mijn maan
Opdat niemand mij verwijten kan
Want in wat zondig is bied ik
Nimmer iets anders dan zonde aan
In ‘Wat een geluk’ onderzoekt Gerry van der Linden sporen uit haar verleden, die zij opnieuw gestalte geeft en tegen het licht van het verontrustende heden houdt. Daarbij spaart zij zichzelf en de ander niet.
Bloei en verval staan dicht bij elkaar in ‘Vallen’, de nieuwe bundel van Emma Crebolder. Net als in ‘Vergeten’ speelt Crebolder een geraffineerd spel met taal. Zij gebruikt ‘valwoorden’ in alle betekenissen.
‘Mensenhand’ is de eerste dichtbundel van Pieter Boskma sinds het veelgeprezen, diverse malen herdrukte ‘Doodsbloei’ (2010), het ‘rouwdagboek in verzen’ dat hij schreef na de dood van zijn vrouw. Waar ‘Doodsbloei’ in het teken staat van afscheid en gemis, zou je kunnen zeggen dat de dichter met ‘Mensenhand’ weer ontwaakt tot het leven.
Recente Reacties